Instituutsraad verkiezingen

  • Gepost op: 15 January 2017
  • Door: Tony

Wie ik ben:

Mijn naam is Tony van Veen.

 

Mijn verbondenheid met de HU is divers:

Ik ben een tweedejaars pabo student aan de HU in Amersfoort.  Hiervoor heb ik op de MTS+ bouwkunde gezeten, daarna ben ik de horeca in gegaan, waar ik acht jaar actief ben geweest tot ik begon met de pabo. Naast mijn studie werk ik voor Marathon Amersfoort met het doel om de kinderen in Amersfoort actief te laten bewegen. Tevens ben ik de voorzitter van de MOP, oftewel de Mannen Op de Pabo, waarmee wij ons inzetten voor het werven en behouden van mannen op de opleiding.

 

Mijn motto voor de IR is:

Teach what you preach.

 

Waarom ik mijzelf verkiesbaar heb gesteld:

Voor mij is dit een fantastische kans om wat (nodige) verandering teweeg te brengen binnen ons instituut. Ik zet mij graag in voor de opleiding en heb in samenwerking met docenten, medewerkers en andere studenten al verandering kunnen aanbrengen bij de pabo in Amersfoort. Deze trend wil ik doorzetten om positieve verandering teweeg te brengen binnen het instituut in Amersfoort en Utrecht. Tevens zal ik mijn ervaring delen over het samenwerken met de docenten en medewerkers van de pabo.

 

Waar ik voor sta en wat ik belangrijk vind:

Ik sta voor goed onderwijs. Een goede opleiding leidt goede leerkrachten op die het beste uit de ontwikkeling van de kinderen kunnen halen. De HU moet alle studenten de kans geven om de talenten die horen bij het leraarschap te kunnen ontwikkelen. Net als dat er zoveel verschillende juffen en meesters zijn, zijn er ook verschillende soorten studenten die hun vaardigheden op een eigen wijze ontwikkelen. Ik vind het belangrijk dat iedereen op onze opleiding deze kans ook kan krijgen. Ik pleit voor een breder scala aan toetsingsvormen, voor bijvoorbeeld de beroepsproducten en reflectieverslagen.

 

Wat ik wil bereiken in de Instituutsraad:

In de instituutsraad wil ik bereiken dat we de kwaliteit van het onderwijs kunnen verbeteren voor iedereen in het instituut. We zullen voor het beleid van de opleiding moeten kijken naar waar de knelpunten liggen, waardoor zoveel studenten de opleiding verlaten. Wat kunnen wij als de IR in de meerjarenplanning en instituutsbegroting aanpassen om ervoor te zorgen dat de opleiding weer gaat groeien? Deze groei zal er dan immers ook voor zorgen dat we een gezonde en sterke opleiding kunnen blijven. In het kader van goed onderwijs verwachten wij ook veel van onze docenten. Mijn voorstel is om hen een ICT-cursus aan te bieden waarin zij meekomen met de vaardigheden die de studenten verwerven op de opleiding. We hebben immers twee sterke ICT-docenten op deze opleiding. Hierdoor zal de effectiviteit van de colleges toenemen en kunnen we het credo: ‘Teach what you preach’ op de opleiding plakken. Tevens zou een vergroting van het aantal SLB-uren voor de eerstejaars studenten ook verdere uitval kunnen voorkomen door adequate begeleiding voor deze studenten. Je stapt immers binnen bij een opleiding waar je direct gaat reflecteren op wie jij bent en waarom je doet wat je doet.

 

Voor de instroom is het belangrijk dat we het imago van de pabo gaan verbeteren. De knip en plak academie naam is immers een smet op de reputatie van onze opleiding. In de IR zal ik mijn stem gaan uitbrengen voor wat onze opleiding weer interessant kan maken voor studenten. Door in gesprek te gaan met de studenten op de pabo over wat voor hen doorslaggevend was om voor deze opleiding te kiezen. Deze resultaten kunnen dan weer leiden tot aanpassingen in het instituutsbeleid en de begroting of een aanpassing in het selectie- en matchingsbeleid van de opleiding. Door vanuit het instituut voorlichtingen te geven op middelbare scholen is het tevens mogelijk om het juiste imago van de opleiding over te brengen.

 

Verder zal ik mijn stem gebruiken voor een aanpassing in het curriculum. Op het moment dat je kiest voor het jonge of het oudere kind begin je met een stagesemester in de andere leeftijdsgroep dan waarvoor je hebt gekozen. Een specialisatie is een specialisatie als je de kans krijgt om je te richten op de leeftijdsgroep waarin jij je wil specialiseren. Daarom pleit ik ervoor dat het derde jaar echt te laten draaien om de leeftijdsgroep waar jij mee wil gaan werken zodra je bent afgestudeerd. Dus gewoon een jaar lang het jonge kind of het oudere kind.

 

Mijn advies voor de instituutsdirecteur:

Mijn advies aan de instituutsdirecteur zal zijn om onderzoek te laten uitvoeren over wat alternatieve toetsingsvormen zijn voor de vele beroepsproducten die je maakt tijdens deze opleiding. Onze opleiding zit vol met getalenteerde en creatieve geesten die nu verplicht worden om hun talent in een verplichte mal te proppen. Dit gaat ten koste van deze talenten en de motivatie van de student.

 

Verder breng ik vanuit de MOP een achterban mee die zich inzetten voor het studieproject; het broeders en zusterproject. Dit zijn ouderejaarsstudenten die de nieuwe pabo-studenten begeleiden en coachen tijdens hun eerste jaar op onze opleiding. Dit project is van grote waarde voor de opleiding. Hierdoor wil ik de instituutsdirecteur het advies geven een vast Honourstraject te koppelen aan dit project van de MOP.

 

Achterban:

Tijdens mijn termijn in de instituutsraad zit ik in mijn tweede en derde jaar van de opleiding en ben ik dus nog regelmatig op de HU in Amersfoort te vinden.

Dat zal helaas niet voldoende zijn om iedereen te kunnen bereiken. Daarom stel ik het volgende voor aan alle instituutsraadsleden: Een (á twee) keer per maand moet een dagdeel ingedeeld worden, waarbij een van de raadsleden en telefonisch of fysiek bereikbaar is voor studenten die contact zoeken met de instituutsraad. Tevens zal er een e-mailadres gemaakt moeten worden voor vragen en/of klachten die betrekking hebben tot de instituutsraad. Dit geeft iedereen de kans om contact te zoeken met de raadsleden, op de wijze die bij hen of hun vraag/klacht past.

 

Voor meer informatie over mijn persoonlijke achterban zie: www.mannenopdepabo.nl of www.mop.hu.nl

 

Samenwerking:

Mijn visie voor de samenwerking vanuit de instituutsraad is dat de docenten en studenten op gelijke voet met elkaar moeten omgaan. Er mag geen verschil zijn voor de waarde van een stem. Iedereen is gelijk is ook de houding waarmee we de Hogeschoolraad, de personeelsraad en de opleidingscommissie moeten benaderen. Hier zal in het begin iedereen zich stevig voor moeten inzetten. Daarom stel ik ook voor dat we bij de stichting van de instituutsraad kennismakinggesprekken gaan voeren met alle partijen waarmee wij zullen samenwerken. Door een informele start te maken met iedereen kunnen we op formeel niveau beter met elkaar communiceren.

 

Daarnaast wil ik alle verdere groepen en verenigingen de ruimte geven om in gesprek te gaan met de IR. Mijn persoonlijke achterban ligt in de MOP en dat geeft mij de mogelijkheid om de stem te zijn van alle mannen op de pabo. Maar ook de andere verenigingen die zich inzetten voor de opleiding moeten de kans kunnen krijgen om hun stem te laten horen aan de instituutsraad. Hiervoor zal de IR zelf een eenmalig moment moeten creëren waarna het initiatief wel bij beide groepen zelf blijft om deze verbinding actief te houden.

 

Tevens zal de IR in gesprek moeten gaan met de schoolstichtingen die verbonden zijn met de Hogeschool Utrecht. Het werkveld is ontzettend belangrijk voor ons vak. Door op de hoogte te zijn van wat er in de praktijk speelt, bij de scholen waar alle studenten hun praktijkplekken hebben, kan de opleiding effectief zijn in de begeleiding van deze studenten. Tevens geeft die alle betrokken partijen de kans om inzicht te krijgen op wat een effectieve meerjarenplanning zal zijn voor het centrum werkplekleren.

Heb ik jou ervan overtuigd dat ik jouw keuze ben? Stem dan op:

https://intranet.sharepoint.hu.nl/HUD/info/MZ-HU/verkiezingen/Pages/stem...